Toetsweergave

Uitleg:

Hieronder staan tien analogieën. Bekijk ze goed en bepaal welk woord er op de puntjes moet komen te staan!



Oefeningen:


1)

Citroen - Zuur
Suiker - ...

2)
Lengte - Meter
Gewicht - ...

3)
Zoon - Dochter
Man - ...

4)
Gebouwen - Stad
Bomen - ...

5)
Arm - Elleboog
Been  - ...

6) 
Serie - ...
Musical - Theater

7)
Dief - Stelen
Arts - ...

8)
Auto - Toeter
Fiets - ...

9)
Schrijver - Boek
... - Schilderij

10)
Zanger - Microfoon
Timmerman - ... 

 

 

 

Vragen

Vraag 1 / 10

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 1?

  • Vies
  • Zoet
  • Zuurder
  • Smaak

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 2?

  • Ton
  • Eenheid
  • Kilo
  • Hectare

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 3?

  • Vader
  • Vrouw
  • Kind
  • Mens

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 4?

  • Bos
  • Park
  • Bebouwing
  • Kappen

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 5?

  • Voet
  • Heup
  • Knie
  • Enkel

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 6?

  • Omroep
  • Televisie
  • Acteur
  • Regie

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 7?

  • Diefstal
  • PatiĆ«nt
  • Opereren
  • Gezondheid

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 8?

  • Trappers
  • Geluid
  • Gevaar
  • Bel

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 9?

  • Beroep
  • Verf
  • Schilder
  • Kunst

Wat hoort er op de puntjes te staan in oefening 10?

  • Beroep
  • Timmermansoog
  • Reparatie
  • Hamer